De onbekende maker van bekendste Julianaportret Oswald Wenckebach (1895-1962) is vooral bekend van één beeld: Monsieur Jacques, dat opvallend onopvallende mannetje dat bij de ingang van het Kröller-Müller Museum in het gras staat. Nog veel bekender... Lees verder >>
De onbekende maker van bekendste Julianaportret Oswald Wenckebach (1895-1962) is vooral bekend van één beeld: Monsieur Jacques, dat opvallend onopvallende mannetje dat bij de ingang van het Kröller-Müller Museum in het gras staat. Nog veel bekender is echter een ander werk, maar daarvan weten slechts enkelen dat het van Wenckebach is: de Nederlandse munt met het portret van koningin Juliana. Daarnaast maakte hij een groot aantal oorlogsmonumenten en ook het veelgeprezen standbeeld van Anton Philips op het stationsplein in Eindhoven. Begonnen als graficus koos Wenckebach halverwege de jaren twintig definitief voor de beeldhouwkunst. Zijn specialisme werd het portret. Door de veranderende maatschappij van de Wederopbouw gooide Wenckebach begin jaren vijftig het roer drastisch om en veroverde hij met zijn veel lichtvoetiger, zelfs humoristische vrije beelden een unieke plaats in de Nederlandse beeldhouwkunst. Dit is deel 5 in de reeks Monografieën van het Sculptuur Instituut. Deze rijk geïllustreerde uitgave bevat een complete oeuvrecatalogus van zijn beelden, penningen en munten
De Italiaanse architect Andrea Palladio (1508-1580) wordt wel beschouwd als een van de grondleggers van de moderne westerse architectuur. Binnen zijn omvangrijke oeuvre nemen de villas, vanaf de eerste grote opdracht voor Villa Godi tot de bij zijn dood... Lees verder >>
De Italiaanse architect Andrea Palladio (1508-1580) wordt wel beschouwd als een van de grondleggers van de moderne westerse architectuur. Binnen zijn omvangrijke oeuvre nemen de villas, vanaf de eerste grote opdracht voor Villa Godi tot de bij zijn dood nog onvoltooide Villa Rotonda, een aparte plaats in.De aanleg van de villas maakte deel uit van de grootschalige drooglegging en ontginning van de Veneto, het verwaarloosde achterland van de Republiek Venetie, dat in korte tijd werd herschapen in een graanschuur voor de overbevolkte stad.Palladio, voor de opgave gesteld om voor de eigenaars van de nieuwe landbouwondernemingen buiten-huizen en bedrijfsgebouwen te ontwerpen, ontwikkelde een nieuw type buitenplaats: de landbouwvilla.De villas van Palladio zijn een even getrouwe als originele vertaling van de principes van de Romeinse bouwkunst en vallen niet alleen op door hun sobere en aardse architectuur, maar ook door de vanzelf-sprekende wijze waarop ze in het landschap zijn gesitueerd.De auteurs hebben zich afgevraagd of daaraan niet een geraffineerde enscenering ten grondslag ligt.Close reading van de Quattro Libri dell Architettura, het traktaat dat Palladio in 1570 publiceerde, maar vooral minutieus veldonderzoek geven daarop het antwoord.In Palladio, de villa en het landschap wordt de plansystematiek waarmee Palladio te werk ging ontrafeld aan de hand van een ruimtelijke analyse van de tien meest kenmerkende villas. Zij zijn rijkelijk gedocumen-teerd met fotos, kaarten en tekeningen.
Museum Beelden aan Zee organiseert voorjaar 2011 de eerste overzichtstentoonstelling in Nederland op het gebied van negentiende- en twintigste-eeuwse dierbeeldhouwkunst. De bronzen sculpturen werden gemaakt door gespecialiseerde beeldhouwers, die... Lees verder >>
Museum Beelden aan Zee organiseert voorjaar 2011 de eerste overzichtstentoonstelling in Nederland op het gebied van negentiende- en twintigste-eeuwse dierbeeldhouwkunst. De bronzen sculpturen werden gemaakt door gespecialiseerde beeldhouwers, die Animaliers werden genoemd. De grondlegger van het genre was de Fransman Antoine-Louis Barye. De Duitser August Gaul en de in Antwerpen werkende Italiaan Rembrandt Bugatti gaven een nieuwe, twintigste-eeuwse interpretatie aan de dieren die hen inspireerden. Ze werkten vaak in dierentuinen om hun exotische onderwerpen te observeren. Het boek biedt een overzicht van de kunsthistorische ontwikkeling van dit genre en biedt tevens inzicht in de psyche van de verzamelaar van het bronzen dier.
Op 17 januari 2007 vond in de tuin van Singer Laren een grote beeldenroof plaats. Er werden zeven beelden gestolen, waaronder Singers afgietsel van het bronzen beeldhouwwerk De Denker van Auguste Rodin. Twee dagen later werd Rodins zwaar gehavende beeld... Lees verder >>
Op 17 januari 2007 vond in de tuin van Singer Laren een grote beeldenroof plaats. Er werden zeven beelden gestolen, waaronder Singers afgietsel van het bronzen beeldhouwwerk De Denker van Auguste Rodin. Twee dagen later werd Rodins zwaar gehavende beeld teruggevonden. Een uniek restauratieproces kwam op gang, begeleid door een groep specialisten van onder andere Musée Rodin in Parijs, de Universiteit van Amsterdam, het Instituut Collectie Nederland en het Rijksmuseum.
In Rodin. De Denker wordt het fascinerende en buitengewoon innovatieve proces van de restauratie van de Larense Denker stap voor stap vastgelegd in woord en beeld. Ook de ontstaansgeschiedenis van het beeld komt uitgebreid aan bod met bijzondere aandacht voor de befaamde Hellepoort, waarvoor de oorspronkelijke Denker is ontworpen. De Denker als zelfstandig kunstwerk wordt voor het eerst en détail onder de loep genomen.
Daarnaast gaan de auteurs uitgebreid in op het creatieve genie van Rodin en zijn grote inspiratiebronnen. De terugkeer van de gerestaureerde Denker in Singer Laren vormt de aanleiding voor deze bijzondere publicatie.
Jan Meefout (1915-1993) en het vrouwelijk schoon zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. De Amsterdamse beeldhouwer heeft de vrouw in al haar gedaanten (moeder, verleidster, godin) afgebeeld. Slechts bij uitzondering heeft Meefout dit thema verlaten.... Lees verder >>
Jan Meefout (1915-1993) en het vrouwelijk schoon zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. De Amsterdamse beeldhouwer heeft de vrouw in al haar gedaanten (moeder, verleidster, godin) afgebeeld. Slechts bij uitzondering heeft Meefout dit thema verlaten. Gevormd als meubelmaker, kwam Meefout in de leer bij Jaap Kaas en Frits van Hall en tijdens de Tweede Wereldoorlog bij professor Jan Bronner op de Rijksakademie. Hij onderscheidde zich door zijn liefde voor het ambacht en zijn materiaal: weerbarstige stukken steen en hout hadden zijn voorkeur. Hij liet zich door dit materiaal leiden naar een bepaalde vorm. Jan Meefout is het vierde deel in de reeks Monografieën van het Sculptuur Instituut. Naast essays, een niet eerder gepubliceerd interview met de beeldhouwer en een bijdrage van diens zoon, bevat deze publicatie een volledig geïllustreerde oeuvrecatalogus
Een uitgebreide studie van de mooiste beeldhouwwerken aller tijden. Variërend van beeldhouwkunst uit de oudheid tot hedendaagse beeldhouwkunst, is dit boek de eerste studie uit de geschiedenis die een dergelijk originele en uitvoerige benadering heeft.... Lees verder >>
Een uitgebreide studie van de mooiste beeldhouwwerken aller tijden. Variërend van beeldhouwkunst uit de oudheid tot hedendaagse beeldhouwkunst, is dit boek de eerste studie uit de geschiedenis die een dergelijk originele en uitvoerige benadering heeft. Door de beeldhouwwerken uit de context van het museum te halen (en dus van hun spreekwoordelijke voetstuk), presenteert Sculpture een geheel nieuwe visie die verhelderende vergelijkingen veroorlooft tussen diverse genres. Dit opmerkelijke werk is onmisbaar voor alle kunstliefhebbers.
Beeldende kunst door en voor migranten en hun kerken in de afgelopen vier eeuwen.Deze uitgave presenteert 40 platen, deels in zwart-wit en deels in kleur, begeleid met 40 tekstbeschrijvingen. Daar zijn platen bij die nog niet eerder gepubliceerd zijn.... Lees verder >>
Beeldende kunst door en voor migranten en hun kerken in de afgelopen vier eeuwen.Deze uitgave presenteert 40 platen, deels in zwart-wit en deels in kleur, begeleid met 40 tekstbeschrijvingen. Daar zijn platen bij die nog niet eerder gepubliceerd zijn. Diverse kunstenaars komen aan het woord over thema's ontleend aan de Bijbel of de geschiedenis van het christendom.De Stichting Zonneweelde die in 2010 haar 75-jarig bestaan viert, heeft de kunst van niet-westerse migranten en hun kerken tot jubileumproject gemaakt en deze uitgave door een gift mogelijk gemaakt. Met SKIN is nauw samengewerkt bij de totstandkoming van dit boek.
Richard Neutra, van oorsprong uit Oostenrijk, ging vroeg in zijn carrière naar Amerika en settelde zich in Californië. Neutra had een grote waardering voor de relatie tussen mens en natuur; kenmerkend zijn zijn glazen wanden en plafonds die overgaan in... Lees verder >>
Richard Neutra, van oorsprong uit Oostenrijk, ging vroeg in zijn carrière naar Amerika en settelde zich in Californië. Neutra had een grote waardering voor de relatie tussen mens en natuur; kenmerkend zijn zijn glazen wanden en plafonds die overgaan in afdaken en die het effect geven dat binnen met buiten wordt verbonden. Zijn bekwaamheid om technologie, esthetiek, wetenschap en natuur in zijn ontwerpen te verenigen bracht hem aan de voorhoede van de modernistische architectuur.Voor het eerst zijn alle werken van Neutra (bijna 300 woningen, scholen en publieke gebouwen) bij elkaar gebracht in één boek, geïllustreerd met meer dan 1.000 foto´s, inclusief die van Julius Schulman en andere prominente fotografen
Vaders en Zonen brengt op bijzondere wijze de relaties tussen drie opeenvolgende generaties Nederlandse beeldhouwers van na 1945 in beeld. Uit de eerste generatie beeldhouwers van na de oorlog werden Carel Kneulman, Ben Guntenaar, Shinkichi Tajiri, Piet... Lees verder >>
Vaders en Zonen brengt op bijzondere wijze de relaties tussen drie opeenvolgende generaties Nederlandse beeldhouwers van na 1945 in beeld. Uit de eerste generatie beeldhouwers van na de oorlog werden Carel Kneulman, Ben Guntenaar, Shinkichi Tajiri, Piet Slegers en Carel Visser uitgenodigd voor deelname aan dit bijzondere project. Vervolgens kozen zij, en de door hen gekozen beeldhouwers, zelf vijf beeldhouwers uit de volgende generatie met wie hij of zij zich sterk verwant voelt en voor wiens werk hij of zij een grote bewondering heeft. Zo is niet alleen een zeer beknopte, kwalitatieve selectie uit het oeuvre van vijftien Nederlandse beeldhouwers ontstaan, maar worden ook mogelijke verbanden en verschillen tussen het werk en de ideeën van deze kunstenaars zichtbaar gemaakt. In de kunstgeschiedenis is het gebruikelijk om voor inspiratiebronnen terug te kijken, richting het verleden en eerdere generaties. Nu zijn de rollen omgedraaid en wordt er uitgegaan van de oudste generatie en vooruit gekeken. Zo ontstaat het interessante perspectief van het verleden naar het heden. De deelnemende kunstenaars zijn: Carel Kneulman, Ben Guntenaar, Shinkichi Tajiri, Piet Slegers en Carel Visser / Gerard Höweler, Berend Bodenkamp, Paul Kubic, Henk Visch en Joep van Lieshout / Gerard van Rooij, Hieke Luik, Mathieu Knippenbergh, Paul de Reus en Zoro Feigl.
120 kleurillustraties
Op zeventienjarige leeftijd besloot Niko de Wit (Bergen op Zoom 1948) dat hij beeldhouwer wilde worden. De neerslag van dat besluit is in deze fraai vormgegeven monografie in beeld gebracht. Sinds Niko de Wit in 1975 de academie verliet, heeft hij meer... Lees verder >>
Op zeventienjarige leeftijd besloot Niko de Wit (Bergen op Zoom 1948) dat hij beeldhouwer wilde worden. De neerslag van dat besluit is in deze fraai vormgegeven monografie in beeld gebracht. Sinds Niko de Wit in 1975 de academie verliet, heeft hij meer dan vijfhonderd beelden vervaardigd. Ruim vijfentwintig daarvan bevinden zich, op diverse plaatsen in Nederland, in de openbare ruimte. Naast deze werken maakte hij ook portretten en penningen in brons. De Wit geniet echter de meeste bekendheid vanwege zijn autonome en monumentale werken, waarin hij zich het sterkst weet uit te drukken. In dit boek krijgen deze beelden daarom de meeste aandacht.Ingrid Luycks schetst in haar biografische inleiding de wording van dit oeuvre: de jeugd- en academiejaren van Niko de Wit, zijn inspiratiebronnen en de ontwikkeling tot de gerijpte kunstenaar die hij nu is. Over de evolutie van zijn werk zegt zij: Dragen de beelden die hij eind jaren zeventig maakte voornamelijk een archaïsch karakter, begin jaren tachtig krijgt het zoeken naar balans de overhand, wat vanaf dan een leidmotief in zijn oeuvre wordt. Naarmate de tijd voortschrijdt, worden zijn beelden complexer en roepen vaker een gevoel van desoriëntatie op. Echter, waar de beelden tot begin jaren tachtig nog overzichtelijk en in één oogopslag te vatten zijn, is dit met name vanaf de jaren negentig niet langer het geval. Ogenschijnlijk behouden ze hun eenvoud, maar bij nader inzien laten ze zich pas na grondige beschouwing analyseren en begrijpen. Balans wordt nu gezocht en gevonden door tegenkrachten op elkaar los te laten.In een verdiepende aanvulling op de biografische inleiding van Ingrid Luycks benadert Marie-Colette van Spaendonck het werk van Niko de Wit vanuit een meer filosofische invalshoek.Het boek is fraai vormgegeven door Jac de Kok en bevat ruim 400 afbeeldingen, merendeels in kleur.Kortom, de lezer wacht een boeiende verkenning van het leven en werk van een eigenzinnig beeldhouwer.
Ter gelegenheid van de tentoonstelling Spookrijders van Nicolas Dings in Museum Beelden aan Zee te Scheveningen verschijnt het gelijknamige kunstenaarsboek. De installatie van Nicolas Dings voor de Wilhelminazaal van het museum heeft als verzamelnaam... Lees verder >>
Ter gelegenheid van de tentoonstelling Spookrijders van Nicolas Dings in Museum Beelden aan Zee te Scheveningen verschijnt het gelijknamige kunstenaarsboek. De installatie van Nicolas Dings voor de Wilhelminazaal van het museum heeft als verzamelnaam Spookrijders en is gebaseerd op het fenomeen Wunderkammer, oftewel curiositeitenkabinet. Deze ontstonden in het midden van de 16e eeuw. We zien een serie keramische, bronzen en damasten taferelen die je meenemen op een wilde rit door de geschiedenis.
In een decor van burgers, paupers en machthebbers wordt in kabinetten een klucht opgevoerd van schijn en wezen. Kopstukken en figuranten als Madame de Pompadour, Lodewijk de Veertiende, maar ook Jan Huygen van Linschoten of Jan Salie spelen daarin een rol. Refererend aan de ‘theatrini' van Pierro della Francesca (opstellingen van figuren en draperieën ten dienste van het schilderij) laat Nicolas Dings gouden, bronzen en porseleinen taferelen zien. De beelden worden overwoekerd door motieven in koraalrood en Delfts blauw en doen een beroep op ons collectieve geheugen, geworteld in onze vaderlandse geschiedenis.
In "De toekomst van het beeld" biedt Jacques Rancière een verrassend inzicht in de betekenis van het beeld binnen de hedendaagse cultuur. Hij beroept zich op een traditie in de literatuur die is begonnen met Flaubert, een traditie die stelt dat... Lees verder >>
In "De toekomst van het beeld" biedt Jacques Rancière een verrassend inzicht in de betekenis van het beeld binnen de hedendaagse cultuur. Hij beroept zich op een traditie in de literatuur die is begonnen met Flaubert, een traditie die stelt dat alles gelijk is en alles onderwerp van kunst kan zijn, en gaat de confrontatie aan met denkers als Adorno, Barthes, Lyotard en Greenberg. De toekomst van het beeld toont verbanden tussen schilderkunst, film, industriële ontwerpen, symbolistische poëzie en getuigenissen van de Tweede Wereldoorlog. Als filosoof kiest Rancière duidelijk positie: beelden behoren tot het domein van de poëtische schepping en haar politieke uitdagingen.
Parijs 1953, de jonge Ans Hey, die net de opleiding tot tekenleraar in Amsterdam afrondde, vertrekt eindelijk naar Parijs, de stad van haar dromen ,en naar Joshua, die daar op haar wacht. Overweldigd door de stad, de mensen, haar leven met Joshua, die 's... Lees verder >>
Parijs 1953, de jonge Ans Hey, die net de opleiding tot tekenleraar in Amsterdam afrondde, vertrekt eindelijk naar Parijs, de stad van haar dromen ,en naar Joshua, die daar op haar wacht. Overweldigd door de stad, de mensen, haar leven met Joshua, die 's nachts naast haar onbereikbaar ver weg blijkt, houdt zij zich dapper staande. Dan vlucht ze min of meer naar Londen en gaat studeren aan de St.Martin's School of Art. Haar studie is amper begonnen als zij tijdens een modeltekenles weggestuurd wordt: een studente die alleen de kont van het model tekent, en dan nog eens veel te groot, die duldt de docent niet. Maar het gelukkige toeval - iets dat haar vaker ten deel zal vallen - maakt dat een toevallig aanwezige kunstenaar haar uitnodigt om zijn lessen te volgen aan de Royal College.
In dit boek, waar het leven van afspat, vertelt beeldhouwster Ans Hey over haar jonge jaren, waarin zij via Parijs en Londen, rondzwerft door Italië en waar ze gegrepen wordt door de oude kunst. Ze geeft zich over aan het leven en in een mengeling van ernst, liefde en naïviteit maakt ze allerlei avonturen mee, die haar op deze reis uiteindelijk zullen brengen naar Zuid Frankrijk. Als jong volwassen vrouw keert zij weer terug naar Amsterdam - en haar verlangen kunstenaar te worden en haar ongeboren zoontje reizen met haar mee.
Singer Laren bezit een omvangrijke en unieke verzameling beeldende kunst uit de periode 1880-1950. In 2002 verscheen bij Waanders de catalogus van de schilderijen, nu wordt deze reeks voltooid met de publicatie van de catalogi met de beelden en de... Lees verder >>
Singer Laren bezit een omvangrijke en unieke verzameling beeldende kunst uit de periode 1880-1950. In 2002 verscheen bij Waanders de catalogus van de schilderijen, nu wordt deze reeks voltooid met de publicatie van de catalogi met de beelden en de tekeningen en prenten. Singer Laren bezit ruim 180 sculpturen, waaronder grootste particuliere collectie van de beeldhouwer Auguste Rodin in Nederland. Ook omvat de collectie werken van Nederlandse kunstenaars als Mendes da Costa, Altorf, Gerrit van der Veen en Ed Jacobs. Onder de ruim 2000 prenten en tekeningen bevindt zich werk uit de Haagse en Larense School, van kunstenaars als Toorop, Hart Nibbrig en Sluijters.Beide boeken bevatten een boeiende, rijk geïllustreerde inleiding op het ontstaan van de basiscollectie van het museum, in 1956 geschonken door Anna Singer, en de verwervingen daarna. Met deze laatste twee delen van de volledige catalogus is de Collectie Singer nu voor het eerst voor een breed publiek ontsloten.
130 kleurillustraties
Het complete werk: beeldhouwwerken, schilderijen, architectuur en tekeningen.Nog voordat hij de leeftijd van dertig jaar had bereikt, had Michelangelo Buonarroti (1475-1564) al een beeld gemaakt van David en Pièta, twee van de beroemdste beeldhouwwerken... Lees verder >>
Het complete werk: beeldhouwwerken, schilderijen, architectuur en tekeningen.Nog voordat hij de leeftijd van dertig jaar had bereikt, had Michelangelo Buonarroti (1475-1564) al een beeld gemaakt van David en Pièta, twee van de beroemdste beeldhouwwerken uit de gehele kunstgeschiedenis. Net zoals zijn Florentijnse collega Leonardo da Vinci, was Michelangelo een genie en grote ster van de Renaissance. Beeldhouwer, schilder, architect en dichter, hij bracht zo´n niet te evenaren passie en unieke stijl aan in zijn werk dat zijn imitators de beweging ‘Maniërisme’ oprichtten in hun poging om zijn special touch te kopiëren. Zijn kroonprestatie, de adembenemende schilderijen op de muur achter het altaar en het plafond van de Sixtijnse kapel in het Vaticaan, trekt ieder jaar miljoenen kijkers. Zijn talent was zo groot dat Michelangelo door zijn tijdgenoten als een halfgod werd beschouwd en hij het onderwerp was van twee biografieën nog tijdens zijn leven.Het eerste deel van dit boek concentreert zich op het leven en werk van Michelangelo met tekst en beelden, daarna presenteert het belangrijkste deel van het boek al zijn schilderijen, beeldhouwwerken, tekeningen en architectonische plannen.Deze speciale editie is een kleinere uitgave van het eerder uitgebrachte XL-formaat.
Stuc- en pleisterwerk vormen een belangrijk onderdeel van het gebouwde erfgoed: buitengevels, binnenwanden en plafonds zijn vaak bedekt met een functionele en/of decoratieve afwerklaag van onder meer kalk, gips of cement. Het veelzijdige thema speelt dan... Lees verder >>
Stuc- en pleisterwerk vormen een belangrijk onderdeel van het gebouwde erfgoed: buitengevels, binnenwanden en plafonds zijn vaak bedekt met een functionele en/of decoratieve afwerklaag van onder meer kalk, gips of cement. Het veelzijdige thema speelt dan ook een belangrijke rol in de wereld van de architectuur- en interieurhistorie, de monumentenzorg en de stucwerkbranche.In deze boeiende uitgave, die is geschreven zowel voor de leek als voor de vakman, gaan diverse auteurs in op de cultuurhistorische als de technische aspecten van stuc- en pleisterwerk. Zo komen onder andere aan de orde: stucwerkwanden en -plafonds, stucco lustro, kleurige cementbepleisterde buitengevels, leempleisterwerk, ‘Rauhfase’ en granulaat, consolidatie en restauratie waaronder problematiek rond zout- en vochtschade.Stuc is een veelzijdig en helder geschreven boek, zeer rijk geïllustreerd, onder meer met foto’s van historisch stuc- en pleisterwerk.
Illustraties: 536 kleur & zwart/wit
Een vraag naar onze diepste belevingen 'Mijn levenspanorama dook als een samenhangend geheel op uit een diepe mist toen ik voor het eerst het beeld zag van "Christus op de koude steen". Het was alsof het in dat beeld verborgen had gelegen. Ik zag mijzelf... Lees verder >>
Een vraag naar onze diepste belevingen 'Mijn levenspanorama dook als een samenhangend geheel op uit een diepe mist toen ik voor het eerst het beeld zag van "Christus op de koude steen". Het was alsof het in dat beeld verborgen had gelegen. Ik zag mijzelf daar zitten op die koude steen. Er vond een herkenning en confrontatie met iets in mijzelf plaats.' In dit boek laat Eva Mees ons kennismaken met dit raadselachtige beeld, dat voor het eerst in de middeleeuwen opduikt, maar nergens in de evangeliën wordt beschreven. In dit beeld wordt de gestalte van Christus, meestal met gebonden handen en voeten, naakt en in een mistroostige houding weergegeven, zittend op een rotsblok in afwachting van de kruisiging. In tijden van hongersnood, ziektes, oorlogen en bittere armoede vonden de mensen troost in dit devotiebeeld van de lijdende Christus. In dit boek wordt dit beeld beschreven in relatie tot de situatie in onze huidige tijd, waarin veel mensen 'in de kou' staan, aan het einde van hun krachten en zonder hoop zijn. Eva Mees reikt therapeutische oefeningen aan, waarbij kunstzinnige activiteiten de fysieke en psychische verstarring of verharding kunnen oplossen.
Oeuvrecatalogus van een veelzijdig kunstenaar
Beschrijving
Half oktober 2009 openende in Museum de Buitenplaats in Eelde de expositie. In 2010 zal de tentoonstelling in Museum Beelden aan Zee te Scheveningen te zien zijn. Voor beeldhouwer Gooitzen de... Lees verder >>
Oeuvrecatalogus van een veelzijdig kunstenaar
Beschrijving
Half oktober 2009 openende in Museum de Buitenplaats in Eelde de expositie. In 2010 zal de tentoonstelling in Museum Beelden aan Zee te Scheveningen te zien zijn. Voor beeldhouwer Gooitzen de Jong (1932-2004) waren figuratie en abstractie geen tegenstelling, maar juist een twee-eenheid. Opgeleid aan de Amsterdamse Rijksakademie en winnaar van de Prix de Rome, werd De Jong in 1961 aangesteld als stadsbeeldhouwer van Enschede, zijn geboorteplaats. Hij adviseerde de gemeente op het gebied van ruimtelijke ordening en maakte een aantal monumentale beeldhouwwerken. Behalve de mensfiguur komen we in zijn gebeeldhouwde oeuvre ook ongewone onderwerpen tegen, zoals een boerderij en een kermis. Het boek 'Gooitzen de Jong. Beeldhouwer, schilder, tekenaar' bevat een geïllustreerde oeuvrecatalogus van de beelden, voorafgegaan door een biografische schets, een kunsthistorische analyse en een essay over de tekeningen en schilderijen van De Jong.
350 illustraties
In samenwerking met: Sculptuur Instituut, Museum Beelden aan Zee, Scheveningen
Beschrijving
In Sculptuur Studies wordt de beeldhouwkunst met een brede blik bekeken. Door zeer gevarieerde artikelen, maar ook achtergronden zoals in memoriams,... Lees verder >>
In samenwerking met: Sculptuur Instituut, Museum Beelden aan Zee, Scheveningen
Beschrijving
In Sculptuur Studies wordt de beeldhouwkunst met een brede blik bekeken. Door zeer gevarieerde artikelen, maar ook achtergronden zoals in memoriams, onderzoeksprojecten en een sculptuuragenda is deze jaarlijkse uitgave van het Sculptuur Instituut een must-have voor de beeldhouwkunstliefhebber.Dit is de vijfde editie van Sculptuur Studies.
De inmiddels overleden auteur van dit boekje, Arie Schellingerhout, stamde uit een geslacht van metselaars en aannemers; het bouwbedrijf zat hem in het bloed. Zijn belangstelling voor de dakpan ontstond toen hij, inmiddels zelf aannemer, werd... Lees verder >>
De inmiddels overleden auteur van dit boekje, Arie Schellingerhout, stamde uit een geslacht van metselaars en aannemers; het bouwbedrijf zat hem in het bloed. Zijn belangstelling voor de dakpan ontstond toen hij, inmiddels zelf aannemer, werd geconfronteerd met het snelle verdwijnen van historische dakpansoorten. Hij ging oude dakpannen verzamelen om oude daken te kunnen herstellen, maar zijn aanvankelijk functionele verzameling groeide uit tot een hobby. De publicatie bespreekt de ontwikkeling van de dakpan van de vroegste toepassingen van gebakken klei tot moderne gemechaniseerde productiemethoden. Bewerkingstechnieken, zoals smoren en glazuren, komen eveneens aan bod. Ook wordt ingegaan op typen dakpannen met een speciale functie zoals licht- en ventilatiepannen en glazen dakpannen. Het geheel is uitvoerig geïllustreerd met foto’s en schetsen. Het boekje bevat tevens een overzicht van opgeheven en nog bestaande dakpannenfabrieken in Nederland.
Bijna 20 jaar werk in woord en beeld : 81 prachtige foto's 4 boeiende teksten van auteurs Jos Wilbrink, Aloys van den Berk, Ulco Mes en Alex de Vries. Fraai vormgegeven met een bijzondere aaibare cover.Een uniek werk in beperkte oplage!
Bijna 20 jaar werk in woord en beeld : 81 prachtige foto's 4 boeiende teksten van auteurs Jos Wilbrink, Aloys van den Berk, Ulco Mes en Alex de Vries. Fraai vormgegeven met een bijzondere aaibare cover.Een uniek werk in beperkte oplage!
Fragmenten uit de natuur en voorwerpen uit de cultuur dienen als uitgangspunt voor mijn beelden en tekeningen. Details uit de organische wereld en uit de anorganische en geconstrueerde wereld krijgen een nieuwe vorm door een associatieve benaderingswijze en de keuze voor materiaal, plaats en ruimte. De verwondering en ontroering over de eigenzinnigheid der dingen die ik waarneem, vormen de drijfveren voor mijn beeldend handelen. Ledematen, pootjes, geweien, oren, handvatten worden uit hun bestaande fysieke gesteldheid losgemaakt en verschijnen in een andere, soms dubbelzinnige hoedanigheid. Mijn intentie is dat het beeld een schepsel wordt met een eigen identiteit, met een zekere zinnelijkheid, krachtig én kwetsbaar, wreed én teder, vreemd en toch vertrouwd. Ik wil in mijn werk appelleren aan de (universele) herinnering aan alles dat ooit gezien of gekend is, maar niet meer is te definiëren.
Synopsis Philip Aguirre y Otegui (1961) is een Vlaming van Baskische oorsprong die in Antwerpen woont en ook doceert aan Sint-Lucas in Brussel.Aguirre's werk wordt gekenmerkt door een zeer eigenzinnige omgang met de klassieke sculptuur, die inspiratie... Lees verder >>
Synopsis Philip Aguirre y Otegui (1961) is een Vlaming van Baskische oorsprong die in Antwerpen woont en ook doceert aan Sint-Lucas in Brussel.Aguirre's werk wordt gekenmerkt door een zeer eigenzinnige omgang met de klassieke sculptuur, die inspiratie zoekt in actuele en politieke thema's. Hij is een internationaal gerenommeerd kunstenaar die in binnen- en buitenland aan individuele en groepstentoonstellingen heeft deelgenomen. Verscheidene werken van hem bevinden zich op openbare plaatsen of in belangrijke publieke collecties.Of Aguirre nu etst, tekent of beeldhouwt, blik, plaaster of brons een eigen gestalte geeft, telkens weer duiken in zijn werk twee aspecten op: de symbiose van klassieke en modernistische karakteristieken enerzijds, een humanistische ondertoon anderzijds.Naar aanleiding van een overzichtstentoonstelling in 2005 schreef Peter Doroshenko: "De architect Le Corbusier beweerde ooit dat de mens ontroeren het uiteindelijk doel van architectuur is. In zijn werk vervult Philip Aguirre consequent dat hoogste doel van de architectuur: de buitengewone kracht van zijn werken ligt niet alleen in de diepte van de gevoelens die ze opwekken, maar ook in de manier waarop ze ons inzicht verschaffen in de complexiteit van onze gevoelens en dit in betekenisvolle omgevingen die ons uitnodigen om te verwijlen, te verblijven." Philip Aguirre y Otegui (1961) est un Flamand d'origine basque qui vit à Anvers et enseigne à Sint-Lucas Brussel.L'oeuvre de Aguirre est marquée par un dialogue très original avec la sculpture classique, s'inspirant de thèmes politiques et d'actualité. Aguirre est un artiste de renommée internationale qui a participé à des expositions solo et collectives tant en Belgique qu'à l'étranger. Plusieurs de ses ouvres sont installées dans des lieux publics ou figurent dans d'importantes collections publiques.Que Aguirre grave, dessine ou sculpte, qu'il travaille le fer-blanc, le plâtre ou le bronze, deux aspects se retrouvent constamment dans son ouvre : la symbiose entre caractéristiques classiques et modernistes, d'une part, et une tendance humaniste, de l'autre. A l'occasion d'une rétrospective en 2005, Peter Doroshenko a écrit à son propos : « L'architecte Le Corbusier a déclaré un jour qu'émouvoir l'homme était le but final de l'architecture. Dans son ouvre, Philip Aguirre accomplit de manière systématique le dessein suprême de l'architecture : la force extraordinaire de ses oeuvres ne tient pas seulement à la profondeur des sentiments qu'elles suscitent, mais aussi à la façon dont elles nous éclairent sur la complexité de nos sentiments, et ce dans des environnements signifiants qui nous invitent à nous arrêter et à nous attarder. »Philip Aguirre y Otegui (b.1961) is a Fleming of Basque origin who lives in Antwerp and teaches at Sint-Lucas Brussel. His work is characterised by a very original dialogue with classical sculpture and takes its themes from politics and current affairs. Aguirre is an artist of international repute who has enjoyed solo and collective exhibitions both in Belgium and overseas. Several of his works are installed in public locations or figure among major public collections. There are two constants in Philip Aguirre's oeuvre, whether he is drawing, sculpting, working with tin, plaster or bronze: the symbiotic relationship between modern and classical characteristics on the one hand, and on the other his humanist tendency.On the occasion of a retrospective in 2005, Peter Doroshenko wrote of him: The architect Le Corbusier once declared that the ultimate goal of architecture is to move the spirit of Man. In his work, Philip Aguirre systematically accomplishes this aim <//b><//font>
De Nederlandse beeldhouwer en tekenaar Eddy Roos (Amsterdam, 1949) studeerde aan de Rijksacademie voor Beeldende Kunsten in Amsterdam onder Paul Grégoire en Piet Esser. Na zijn studie werkte Eddy Roos anderhalf jaar in Italië in het atelier van de... Lees verder >>
De Nederlandse beeldhouwer en tekenaar Eddy Roos (Amsterdam, 1949) studeerde aan de Rijksacademie voor Beeldende Kunsten in Amsterdam onder Paul Grégoire en Piet Esser. Na zijn studie werkte Eddy Roos anderhalf jaar in Italië in het atelier van de bekende beeldhouwer Giacomo Manzù. Roos maakt voornamelijk beelden van vrouwen. Zijn dynamische tekeningen, waar hij zijn beelden op baseert, ontstaan naar aanleiding van levende modellen die dansen en bewegen op muziek. De wetten van de gulden snede of ‘Divina Proportia’ zijn bepalend voor de maatvoering van het werk van Roos waarin hij de figuratieve en de abstracte kunst probeert te combineren. Roos werkt ook in opdracht. De beeldentuin voor de borg Verhildersum, een Gronings kasteel te Leens, vormt zijn grootste project. Tien beelden zijn inmiddels geplaatst en nog drie zullen volgen.Het boek, deel 15 in de serie ‘Monografieën van het Drents Museum over hedendaagse figuratieve kunstenaars’, geeft een definitief overzicht van het oeuvre van Roos.
Marino Marini (1901-1980) en Giacomo Manzù (1908-1991) behoren tot de belangrijkste beeldhouwers van de 20ste eeuw. Hun werk oefende grote invloed uit op de naoorlogse beeld-houwkunst in Europa.Voor de ontwikkeling van de Nederlandse beeldhouwkunst zijn... Lees verder >>
Marino Marini (1901-1980) en Giacomo Manzù (1908-1991) behoren tot de belangrijkste beeldhouwers van de 20ste eeuw. Hun werk oefende grote invloed uit op de naoorlogse beeld-houwkunst in Europa.Voor de ontwikkeling van de Nederlandse beeldhouwkunst zijn Marini en Manzù van door-slaggevende betekenis geweest. Puttend uit de rijke Italiaanse traditie toonden zij aan dat een klassiek-georiënteerde beeldhouwkunst verre van achterhaald was.‘Vrouwen, ruiters en kardinalen’ – De beeldhouwkunst van Marino Marini en Giacomo Man-zù verschijnt bij de gelijknamige tentoonstelling in Museum Beelden aan Zee. Het boek geeft een uitgebreid overzicht van de oeuvres van deze ‘maestri moderni italiani’. Daarnaast wordt er aandacht besteed aan de ontvangst van de moderne Italiaanse beeldhouwkunst in Neder-land.