Het was in Frankrijk en Belgie, de bakermat van het literaire Symbolisme, waar symbolistisch schilderen werd geboren. Het stortte zich haastig in de culturele ruimte die werd geopend door de poezie van Baudelaire en Mallarme en door de opera’s van Wagner. Symbolistische schilders wilden geen verschijningen vertegenwoordigen maar wilden “het idee” uitdrukken waardoor het denkbeeldige een belangrijke rol speelt in hun werk. “Droom” was hun credo; met een fanatieke haat verafschuwden zij het impressionisme, realisme, naturalisme en het wetenschappelijke. Het belangrijkste principe van Symbolisme, die van overeenkomsten, was het bereiken van harmonie tussen alle verschillende vormen van kunst, of zelfs het totale kunstwerk (Gesamtkunstwerk) te realiseren waarvan Wagner had gedroomd om te creeren. Hetgeen we vandaag herontdekken, na een periode van verzuim, is dit: Symbolistisch schilderen is essentieel voor ons begrip van de moderne kunst, niet alleen omdat het zich als een wildvuur over de wereld verspreidde, met volgelingen van Rusland tot in de Verenigde Staten, van Noord-Europa tot in het Middellandse-Zeegebied, maar omdat het de bron was van een serie van mutaties zonder welke de moderne kunst niet zou zijn zoals ze nu is.